De markt is een nieuwe fase ingegaan. Zwakke economieen, maar voor beleggers sterke bedrijven. De inflatieschok van de afgelopen jaren lijkt onder controle, maar de onderliggende oorzaken van prijsstijgingen zijn niet verdwenen. Integendeel: inflatie wordt steeds minder gedreven door economische oververhitting en steeds meer door geopolitieke onzekerheid.

Moeilijke opdracht van Kevin voor Kevin
De nieuwe Fed-voorzitter Kevin Warsh heeft tijdens zijn eerste verslaglegging op Capitol Hill beloofd inflatie definitief terug te brengen en prijsstabiliteit weer centraal te stellen. Hij zei: “high inflation will be a thing of the past” Dat klinkt overtuigend, maar zijn opdracht is moeilijker dan die van zijn voorgangers. Warsh opereert onder een president die onvoorspelbaar en impulsief beleid voert op het gebied van handel, energie en buitenlandse politiek. Handelsoorlogen en inmiddels ook echte oorlogen kunnen aanbodschokken veroorzaken die leiden tot hogere energieprijzen, verstoringen van handelsstromen en daarmee nieuwe inflatiedruk.
Geen enkele centrale bank kan een oorlog voorkomen, een handelsroute openen of extra olie produceren. De grootste uitdaging voor Warsh is daarom niet het rentebeleid, maar het behouden van zijn eigen geloofwaardigheid in een wereld waarin geopolitiek de inflatie snel kan laten stijgen.
Immers, de belangrijkste bron van inflatie is tegenwoordig onzekerheid. De spanningen rond de Straat van Hormuz illustreren dat perfect. Zodra markten twijfelen aan de beschikbaarheid van olie, reageren energieprijzen onmiddellijk. Niet omdat er direct een tekort is, maar omdat de toekomstige levering onzeker wordt. Ongeveer een vijfde van de mondiale olieconsumptie passeert deze route. Datzelfde zien we terug in mogelijke tekorten aan computer chips die de prijzen snel doen stijgen.
Chipflatie is nieuwe bedreiging
Hetzelfde zien we in de technologiesector. De AI-revolutie veroorzaakt schaarste aan geheugenchips, datacenters en energie. Dat leidt tot hogere prijzen voor consumentenelektronica en investeringen in nieuwe capaciteit. Apple zag zich in juni genoodzaakt de prijzen van Iphones en Macbooks fors te verhogen door de gestegen prijzen van chips. Een nieuw fenomeen want eerder waren de almaar dalende prijzen van electronica (de volgende laptop was sneller, had meer geheugen én was goedkoper dan de vorige). Dit dempte inflatie, nu is de dempen factor verdampt en omgeslagen tot inflatiecomponent.
Europa zoekt een nieuw groeimodel
Ook Europa worstelt met structurele uitdagingen.
In het Verenigd Koninkrijk krijgt inkomend premier Andy Burnham de leiding over een economie die kampt met lage productiviteit, verouderde infrastructuur en zwakke groei. Zijn plannen om meer grip te krijgen op strategische infrastructuur door private bedrijven te nationaliseren, en tegelijk Noordzee-energie te ontwikkelen laten zien hoe groot de economische uitdagingen zijn. De vraag is echter of een nieuwe premier met radicale ideeën voldoende is om jaren van structurele problemen op te lossen.
Duitsland staat voor een vergelijkbare omslag. Het oude succesmodel van goedkope energie, industriële schaal en export verliest terrein. Bovendien verschuiven defensie-investeringen van tanks, fregatten en zware voertuigen naar drones, software en autonome systemen. Traditionele industriële kampioenen moeten zich opnieuw uitvinden. Volkswagen, jarenlang het symbool van Duitse industriële kracht, voelt die druk inmiddels volop en kondigde mega ontslagrondes aan.
Nederland profiteert
Net als Frankrijk dat met zijn kernenergie profiteert van datacenter investeringen waar we eerder al over schreven, valt Nederland tegen deze achtergrond juist positief op en dat is terug te zien in onze beursindex, de AEX.
De AEX heeft zichzelf de afgelopen jaren opnieuw uitgevonden. Sterke bedrijven die zwakke economieen in transitie compenseren. Waar vroeger olie, financiële instellingen en traditionele industrie dominant waren, wordt de beurs nu gedragen door bedrijven die zich in het hart van de wereldwijde chipindustrie bevinden.
ASML, ASMI en Besi leveren technologie die essentieel is voor de productie van moderne halfgeleiders. Zonder hun machines geen AI, geen geavanceerde chips en geen verdere digitalisering. Terwijl veel Europese economieën worstelen met groei, bevinden deze bedrijven zich juist in het centrum van een wereldwijde investeringsgolf.
Zwakke economieën, Sterke bedrijven
De macro-economie heeft het zwaar. Hogere rentes drukken op vastgoedmarkten, geopolitieke spanningen vergroten de onzekerheid en Europa zoekt naar nieuwe groeimotoren. Tegelijkertijd bloeit een beperkt aantal ondernemingen als nooit tevoren.
Voor beleggers wordt het daarom steeds belangrijker om onderscheid te maken tussen economieën en bedrijven. Niet elke economie groeit, maar sommige ondernemingen profiteren juist van structurele veranderingen die nog jarenlang kunnen doorwerken.
De komende jaren zullen waarschijnlijk worden gekenmerkt door meer geopolitieke onzekerheid, meer schaarste aan strategische goederen en grotere verschillen tussen winnaars en verliezers. Juist daarom blijven spreiding, waardering en kwaliteitsselectie essentieel.
Want terwijl veel economische indicatoren op vertraging wijzen, wordt in de chipsector vandaag gebouwd aan de economie van morgen. Dat maakt de huidige markt misschien minder comfortabel, maar zeker niet minder interessant.
